10 misconcepties over ultra-bewerkte voeding
Ultra-bewerkte voeding (UPF) krijgt veel aandacht. Het wordt in onderzoek steeds vaker gelinkt aan chronische ziekten zoals overgewicht, diabetes type 2 en hart- en vaatziekten. Tegelijkertijd horen we ook geluiden dat bewerking nodig is, onschuldig is of zelfs onmisbaar.
Er bestaan veel misverstanden over wat ultra-bewerkte voeding precies is en wat het betekent voor je gezondheid. Hieronder zetten we de belangrijkste misconcepties op een rij, want een supermarkt vol met UPF is wel degelijk een probleem.
Misconceptie 1. Alle bewerkte voeding is slecht
Vrijwel alles wat we eten is in zekere mate bewerkt. Groenten worden gewassen en gesneden, melk wordt gepasteuriseerd en brood wordt gebakken. Dat maakt deze producten niet ongezond. Bewerking is vaak nodig om voedsel veilig, houdbaar en praktisch te maken. Het probleem zit vooral bij voeding dat zo sterk industrieel is bewerkt dat het oorspronkelijke product nauwelijks nog te herkennen is, belangrijke voedingsstoffen zijn verwijderd en er veel stoffen zijn toegevoegd.
Misconceptie 2. Ultra-bewerking maakt voeding betaalbaar
Vaak wordt gezegd dat ultra-bewerkte voeding nodig is omdat het goedkoop is. In werkelijkheid is UPF vooral goedkoop per calorie, niet per voedingswaarde. Veel basisproducten zoals peulvruchten, eieren, diepvriesgroenten en volkoren granen zijn betaalbaar én voedzaam. Ultra-bewerking maakt producten winstgevend en lang houdbaar, maar dat betekent niet automatisch dat het de beste of enige betaalbare keuze is. Bovendien kun je je afvragen hoe ‘goedkoop’ het is als je er op de lange termijn gezondheidsproblemen van ondervindt.
Misconceptie 3: Ultra-bewerking is nodig om de wereld te voeden
Deze uitspraak is te simpel. Voedselzekerheid vraagt om schaalbaarheid, opslag en distributie, maar dat kan ook met minder bewerkte producten. Denk aan granen, rijst, aardappelen en diepvriesgroenten. Ultra-bewerking is dus niet per se nodig om de wereld te voeden, maar vooral een manier om producten aantrekkelijker, langer houdbaar en makkelijker verkoopbaar te maken.
Misconceptie 4: Alles uit de diepvries is ultra-bewerkt
Diepvriesproducten hebben vaak een slechte reputatie, maar die is meestal onterecht. Diepvriesgroenten, fruit en vis zijn vaak minimaal bewerkt en bevatten net zoveel voedingsstoffen als verse varianten. Het invriezen zelf maakt een product niet ongezond. Pas bij diepvriespizza’s, snacks en kant-en-klare maaltijden is er vaak sprake van ultrabewerking omdat er veel met de voeding is geknutseld.
Misconceptie 5: UPF is slecht vanwege suiker, zout en vet
Suiker, zout en vet spelen zeker een rol, maar ze vertellen niet het hele verhaal. Ook de structuur van het product, de manier waarop het is samengesteld en hoe makkelijk je ervan blijft eten zijn belangrijk. Sommige producten bevatten weinig suiker, maar zijn zo bewerkt dat je er snel veel van eet en weinig verzadiging ervaart. Ultra Bewerking gaat dus verder dan alleen de toegevoegde suikers, zout en vetten.
Misconceptie 6: Alle vleesvervangers zijn ultra-bewerkt
Vleesvervangers worden vaak over één kam geschoren, maar de verschillen zijn groot. Sommige bestaan uit eenvoudige ingrediënten zoals peulvruchten, tofu of tempeh. Andere zijn sterk bewerkt en bevatten veel toevoegingen. Of iets ultra-bewerkt is, hangt dus niet af van de productgroep, maar van de ingrediënten en bewerking. Uit onze analyses blijkt dat ongeveer 10% van de vlees- en kaasalternatieven ultra-bewerkt is, terwijl ongeveer 25% juist een groene PureScore krijgt.
Misconceptie 7. UPF kan geen onderdeel zijn van een gezond dieet
Voor de meeste mensen is het onrealistisch om ultra-bewerkte voeding volledig te vermijden. Gezondheid draait om het totaalplaatje. Als het grootste deel van je voeding bestaat uit on- of minder bewerkte producten, is er ruimte voor flexibiliteit. Af en toe iets ultra-bewerkt eten is heel logisch en maakt je voedingspatroon niet meteen ongezond.
Misconceptie 8. UPF is hetzelfde als junkfood
Bij ultra-bewerkte voeding denken we vaak aan chips, koek en fastfood. Maar ook producten met een gezond imago, zoals ontbijtgranen, soepen, smoothies of eiwitrepen, kunnen sterk bewerkt zijn. Ultra-bewerking gaat niet over hoe gezond een product eruitziet, maar over hoe het is samengesteld.
Misconceptie 9. Alle havermelk en eiwitrepen zijn ultra-bewerkt
Ook binnen één productcategorie kunnen de verschillen groot zijn. Sommige havermelksoorten of eiwitrepen bevatten maar een paar ingrediënten, terwijl andere vol zitten met toegevoegde suikers, aroma’s en stabilisatoren. Het loont dus om verder te kijken dan de voorkant van de verpakking en op zoek te gaan naar de gezondere alternatieven.
Misconceptie 10. E-Nummers zijn veilig want ze zijn toegestaan
Additieven die zijn toegestaan (e-nummers), zijn veilig in de zin dat ze je niet direct ziek maken. Maar ‘veilig’ betekent niet automatisch ‘optimaal voor je gezondheid’. Veel ultra-bewerkte producten voldoen aan de wet, maar worden in onderzoek toch gelinkt aan verhoogde gezondheidsrisico’s, mogelijk door de combinatie van additieven, structuur en eetgedrag dat ze stimuleren.
Conclusie
Ultra-bewerkte voeding is een belangrijk onderwerp, maar het verhaal is niet zwart-wit. Niet alle bewerkte voeding is slecht. Het effect op je gezondheid hangt af van de mate van bewerking, hoe vaak je het eet, hoeveel je ervan eet en wat het vervangt in je voedingspatroon.
Omdat dit zo genuanceerd ligt, ontwikkelden wij de PureScore: een score die laat zien hoe bewerkt een product is vanuit een gezondheidsperspectief. Met de PureScore in de FLTRD-app zie je in één oogopslag hoe een product scoort, waarom dat zo is en welke betere alternatieven er zijn. Zo hoef je geen perfecte keuzes te maken, maar kun je stap voor stap betere keuzes maken en je eigen regie nemen.